Wat
alcohol voor een verslaafde is, is olie voor ons motorblok.
Zonder olie redt het blok het echt nog geen 200 meter. Maar
er zijn nogal wat soorten alcohol op de markt. Als je aan
een alcoholist vraagt wat hij moet hebben, dan zegt die dat
het hem niet uitmaakt, als hij het maar krijgt. Ach, de één
smaakt wat beter of drinkt wat makkelijker weg. Dit geldt
ook voor ons blok, als het maar olie krijgt. Ach, de duurdere
olie smaakt wel beter, maar het blok neemt ook genoegen met
minder. De ene olie is de andere niet. Maar wat is nu eigenlijk
de taak van de olie in ons motorblok en welke soorten zijn
er? En dan zijn er nog de toevoegingen aan de olie. De oliefabrikant
zal altijd aan geven dat het niet gewenst is om toevoegingen
bij de olie te doen, maar is dat inderdaad niet goed of valt
het allemaal wel mee?
Het
motorblok
Het motorblok is vrij ouderwets in zijn manier van opbouw.
Er zitten in verhouding meer bewegende delen in dan op dit
moment naar de huidige maatstaven nodig zou zijn. Kijk maar
eens naar de nokkenas. Die zit tegenwoordig boven de kleppen,
maar bij onze oude CX of GL zit die midden in het blok. Dat
betekent dat er meer onderdelen nodig zijn. De nokkenas dient
zijn beweging over te zetten op de kleppen. Maar omdat de
nokkenas midden in het blok zit, zullen er hulpmiddelen nodig
zijn om die beweging naar boven te krijgen, bovenop de kleppen.
En dus zitten er bij onze oude blokken drie hulponderdelen
extra. Ik zal ze benoemen. Ten eerste de sleper direct op
de nokkenas.
cilinderkop
- klik op de afbeelding om hem beter te bekijken
De
sleper is er om van een draaiende beweging een op en neergaande
beweging te maken. Dan de stoterstangen. Deze brengen de op
en neergaande beweging naar boven in de kop. Ze zijn erg licht
en krijgen veel druk voor hun kiezen. Ik denk al gauw een
kilo of 100. Ten slotte zit er op de stoterstang een tuimelaar.
Deze brengt de op en neergaande beweging over op de klep.
Dit gaat via een draaipunt. Als de nokkenas via de sleper
de stoterstang van binnen naar buiten drukt, dan zal de tuimelaar
die bovenop de stoterstang zit via het draaipunt de klep naar
binnen drukken. Tegenwoordig zit de nokkenas direct boven
op de klep en wordt de draaiende beweging door de klep zelf
omgezet naar een op en neergaande beweging. Bij dit systeem
zit de truc in de brede bus die op de klepsteel zit en de
draaiende beweging opvangt. Als deze er niet zou zitten, zou
de klepsteel meteen ombuigen. De brede bus kan deze krachten
aan, omdat deze goed ondersteund wordt door het aluminium
huis. Bus en klepsteel zijn bijna één geheel
en zorgen nauwelijks voor herrie. Ik zeg dit, omdat de vele
onderdelen die wij in ons blok hebben altijd voor extra herrie
zorgen. Maar wat heeft dit nu weer te maken met de olie?

Versnellingsbakolie/cardanolie
80W90
Olie
als geluiddemper
Bij onze oude blokken is het aan te bevelen om dikkere olie
te gebruiken. Echter, de geleerden zijn het er over eens dat
dunne olie beter is. Dunne olie geeft minder wrijving en wordt
minder snel warm. Ik heb nu al twee dingen opgenoemd die dus
energie kosten. Door wrijving wordt de olie zelf ook warm,
dunne olie wordt door diezelfde wrijving minder snel warm.
Vandaar dat de fabrikanten van de huidige auto's en motorfietsen
al snel naar heel dunne olie grijpen als het om brandstofkosten
gaat. We praten al snel over 05w30. Het kan nog dunner. Maar...
dunne olie mag dan wel goed zijn werk doen, maar het dempt
niet het geluid. Sterker nog, dunne olie kan de vele onderdelen
die wij in ons blok hebben zitten niet eens afremmen. Met
afremmen bedoel ik voorkomen dat een tuimelaar gaat trillen
of stuiteren. Dit trillen of stuiteren kan voorkomen, omdat
er altijd een hoeveelheid klepspeling aanwezig moet zijn.
Dikke olie remt op alle slijtageplaatsen het bewegende deel
af om zo trillen of stuiteren te voorkomen. En hoe klein de
oppervlakte van de klepsteel ook is, dikke olie zal de tuimelaar
opvangen. Dunne olie loopt gelijk weg. Dit is dan ook de reden
dat wij in onze blokken vrij dikke olie moeten gebruiken.
Maar dikke olie heeft ook positieve kanten. De olie blijft
beter plakken aan de zuiger en cilinderwand en kan beter door
de olieschraapveren verwerkt worden. Dikke olie gaat dus ook
minder snel langs de zuigerveren/olieschraapveren de verbrandingskamer
in. Olieverbruik wordt hierdoor dan ook tegengegaan.
Als je een Audi TT neemt, jawel de 6 cilinder, dan kom je
tot de conclusie dat deze auto eigenlijk wel olie verbruikt.
Ook de Opel Zafira tdci diesel verbruikt veel olie (uit eigen
ervaring).

Er zijn tal van oliemerken en soorten verkrijgbaar.
Kijk
niet gek op als deze 3 of zelfs 4 liter olie per 10.000 kilmeter
verbruikt. Deze olie komt toch echt de verbrandingskamer in
en dat komt, omdat de olie zeer dun is. Dit zou je tegen kunnen
gaan door veel goedkopere en dikkere olie te gebruiken. Maar
pas op: de Opel laat dit wel toe, maar een Ford Mondeo en
de Audi TT niet! Dus ga niet experimenteren met nieuwe auto’s.
Mijn Ford Mondeo heeft 5w30 nodig en ik gebruikte 10w40. Dit
levert na ongeveer 1.500 kilometer problemen op. Dus nogmaals:
ga niet experimenteren! Regel is wel, dat hoe dunner de olie
is, hoe meer er verbruikt gaat worden. Dus om het olieverbruik
tegen te gaan werkt dikkere olie prima. De zuigers in onze
blokken hebben baat bij dikke olie. Ook de bewegende delen
houden van dikke olie. En dikke olie zorgt dus voor geluiddemping.
Probeer maar eens (wel pas nadat je dit hele stuk hebt gelezen!)
20w50 olie in je motorblok. Het zal geen schade opleveren.
Luister maar eens hoe stil het blok is geworden. Of voeg maar
eens een olieverdikker toe aan de olie. De naam zegt het al:
deze maakt de olie dik. Het olieverbruik gaat naar beneden
en het blok maakt minder herrie. Let wel, dikke olie heeft
een negatief effect op de koppeling. Deze blijft meer plakken
en kan ook meer gaan slippen. Het plakken komt aan het licht
als je de motor (als deze nog koud is) in de eerste versnelling
wil zetten. Dit geeft dan best wel een harde klap. Mocht je
het toch uit willen proberen om bijvoorbeeld overmatige (slijtage)
herrie tegen te gaan, kun je dus dikkere olie in het blok
doen. 15w40 lijkt me dan een goede keus. 20w40 of zelfs 20w50
lijkt me iets te dik. Mocht door die dikkere olie de herrie
niet of nauwelijks minder worden, dan lijkt het mij duidelijk
dat er ergens teveel ruimte op zit, waardoor de olie zijn
werk niet meer kan doen. Voorbeelden zijn bijvoorbeeld een
versleten distributieketting en een uitgelopen lagerschaal.
Dit zijn twee voorbeelden waarbij dikkere olie totaal niet
helpt.
Olie
als warmteafvoerder
Olie smeert en komt op alle plaatsen. Maar olie heeft ook
een andere taak in ons motorblok. Eén taak, die van
geluiddemping, hebben we al beschreven. Een andere hoofdtaak
is natuurlijk het smeren, maar er is er nog één
die heel belangrijk is. Dit is de afvoer en verplaatsing van
warmte. Een goede olie kan best een temperatuur van 230 graden
Celsius hebben. De dikte van de olie gaat dan echter wel veranderen.
In de regel wordt olie steeds dunner naarmate deze heter wordt,
totdat het punt van verdamping bereikt gaat worden. Dan gaat
de olie indikken.
Een goede olie heeft stoffen in zich die er voor zorgen, dat
de olie niet meteen verdampt en dus niet indikt. Hierdoor
kunnen we over oliedikten praten die constant zijn. De handelsnamen
zijn dan bijvoorbeeld 10w40, 5w30 en 80w90. De laatste is
op onze cardan van toepassing.
In de GL/CX 650 wordt de olie gebruikt om de onderkant van
de zuiger te koelen. Bij dit type zijn er twee oliesproeiers
die omhoog spuiten tegen de onderkant van de zuiger. Bij de
500-typen zijn deze sproeiers niet aanwezig en is de oliepomp
ook iets kleiner. Wel wordt er zowel bij de 650 als de 500
veel olie naar de cilinderkoppen gepompt. Ik zie altijd dat
er bij de uitlaatkleppen verkleuring op het aluminium aanwezig
is (zie onder het kleppendeksel bij de uitlaatklepveren).
Dat wil zeggen dat het hier heter is dan normaal. Eigenlijk
bakt de olie vast aan het aluminium. Een duurdere olie met
veel oplosmiddelen (Shell helix) zal dat minder snel doen
dan een Aldi-olie. Er is hierin dan ook een groot prijsverschil.
Maar nu het belangrijke. Op de uitlaatklepsteel zit een rubber
klephoedje.

smeerschema
- klik op de afbeelding om hem beter te bekijken
Dit
klephoedje voorkomt dat de olie langs de klepsteel de uitlaat
inloopt. Maar dat hoedje sluit zich om de klepsteel en rubber
kan niet heel hoge temperaturen aan. Met 200 graden is het
afgelopen en wordt het klephoedje hard of scheurt het in.
Het koelwater helpt hier niet: het kan niet bij de klepsteel
komen. Wel kan het koelwater de kop koelen, maar dat neemt
niet weg dat de klepzetel, klepsteel en cilinderkop op die
plaats heter worden. Hierbij is olie dan het middel dat moet
zorgen dat het rubber van het klephoedje niet te heet gaat
worden. De olie kan dan zijn temperatuur kwijt aan het omliggende
aluminium. Deze warmte wordt dan weer door het koelwater afgevoerd.
Het motorblok zelf werkt dus als een thermische geleider,
die de warmte afgeeft aan het koelwater en omgevingslucht.
Daarom is het van belang om regelmatig de olie te controleren.
Ikzelf houd er van om het blok goed vol te houden tot de Max-indicatiestreep.
Voor de goede orde, ik meet met een losse peilstok de waarde
af. Dat betekent dat ik de peilstok eerst los draai en schoonmaak.
Daarna druk ik de peilstok terug het blok in, maar draai deze
niet aan. Ik zorg ervoor, dat de peilstok netjes op de rand
van het blok stuit en dat ik de peilstok niet scheef houd
ten opzichte van de vulopening. Ten slotte kun je de peilstok
weer uit het blok nemen en het olieniveau aflezen. Doe dit
twee keer en je weet of je het goed hebt gedaan. Ik vertel
dit, omdat ik het oliepeil zo hoog mogelijk wil houden in
het blok. Hierdoor wordt er namelijk voldoende warmte verspreid
door de olie. Nog belangrijker is, dat de olie door de krukas
wordt rondgeslingerd en deze dus ook naar de zuigers en cilinderwanden
wordt geslingerd. Misschien is dit nog wel het belangrijkste
voor het motorblok. Met te weinig olie zal de olie nog wel
rondgepompt worden, maar is er toch echt geen spatsmering
meer te vinden in het blok. Er is dan nog wel oliedruk, maar
dat is de olie die alleen naar de belangrijkste punten wordt
gepompt. Koeling en geluiddemping is er niet meer bij, waardoor
zuiger en cilinderwanden het nu zwaar hebben. De oliepomp
kan hier de olie niet voor leveren; dit moet toch echt wel
met spatsmering gedaan worden.
Ik kom nog wel eens blokken tegen waar er maar één
drupje olie aan de peilstok hangt. Dan zegt de eigenaar:"Het
olielampje brandt toch echt niet", waarop ik zeg: "Dat
klopt." Je hebt namelijk ongeveer 200 cc olie nodig om
de oliepomp zijn werk te laten doen. Pas bij minder dan deze
200cc gaat het olielampje branden. Maar voor een goede spatsmering
heb je minimaal 2 liter nodig. En als er nog maar een enkele
druppel aan de peilstok te vinden is, dan zit er grofweg 1
tot 1,5 liter in het blok. Al veel te weinig dus.
Voor een GL650/CX650 is dit echt een probleem. Bij alle 650-blokken
is de olie-inhoud dan ook vergroot van 3,5 liter naar 4,5
liter, zodat de thermische problemen in de hand gehouden kunnen
worden. De kenners zullen zich nu afvragen waarom er bij hun
650-blok dan toch geen 4,5 liter in wil. Dit komt, omdat de
nokkenas altijd in de olie blijft staan. Bij het vervangen
van de olie blijft er grofweg een halve liter zitten. Bij
geen enkel 650-blok kun je alle olie vervangen. En dat is
nou ook net de reden dat er in de boeken de volgende regel
staat: Na revisie 4,5 liter aanvullen en bij alle oliebeurten
is dit nog maar maximaal 4 liter. Er blijft dus altijd grofweg
een halve liter achter in het blok. Hier zie je dat Honda
de temperaturen in het blok heeft willen aanpakken door meer
olie te gebruiken. Het heeft daarvoor ook een extra opvangoliebak
onder het blok gemaakt. Deze opvangbak is ook voorzien van
koelribben.
Teveel olie kan in onze blokken niet zo gauw schade geven.
De schade die kan ontstaan is van dien aard dat keerringen
en pakkingen het gaan begeven. Bij de 650-blokken zal de olie
naar buiten gedrukt worden via de ontluchting en komt de olie
in het luchtfilter. Dit geeft een vet luchtfilter en dat zorgt
voor een hoog brandstofverbruik. Normaal moet een 650-blok
toch wel 1 op 18 halen, maar als het luchtfilter vet is, zal
het verbruik al gauw naar de 1 op 14 gaan.
Bij de 650-blokken zal er echter ook bij een normaal olieniveau
olie verdampen en via de ontluchting naar het luchtfilter
verplaatst worden. Daarom is het raadzaam om elke 7.500 kilometer
het luchtfilter te vervangen. Een imitatieluchtfilter kost
20 euro en je verdient het terug aan een lager brandstofverbruik.
Olie
heeft nog een taak
In het motorblok zijn keerringen en pakkingen gebruikt. In
de olie zitten producten die ook verzorging geven aan alle
rubbercomponenten. Rubber droogt van nature uit. Voor pakkingen
geldt hetzelfde. Maar je wilt dat pakkingen soepel en dik
blijven. Ze mogen dus niet gaan lekken. Maar door de thermische
belasting zal de rubberafdichting en pakkingsmateriaal snel
kapot gaan. In de olie zitten stoffen die rubber week maken.
Ze houden het rubber soepel.



Vlnr: Chrono
Semi-synthetisch 10W40, All Season+ 15W40 en All Season 20W50
Ook
zijn er in de handel toevoegingen te koop die op de keerringen
in gaan werken. Je gooit dit bij de olie, het rubber zal het
gaan opnemen en daardoor opzwellen. Teveel van die troep en
het rubber lost gewoon op. Dit zie ik nog wel eens bij motorblokken,
waar dus hele dure echte motorfietsolie in is gedaan. Deze
olie zit vol met extra dopes om rubber soepel te houden, maar
dat kan dus ook averechts uitpakken.
Vroeger werd er in de motorfietswereld eerder naar rubber
gegrepen voor de afdichtingen dan in de autowereld. In auto’s
werd heel lang een kurkafdichting gebruikt. Maar voor de motorfiets
was dit geen oplossing, omdat de vormen zich hier niet voor
leenden. Nu zie je dat rubber ook in de autowereld normaal
is geworden. Dus echte dure motorfietsolie kopen is voor de
CX en GL onzin. De olie uit de autowereld is ruim voldoende
voor onze fietsjes.
Als het blok toch nog gaat lekken, kan dat door twee dingen
komen. De rubber keerringen zijn versleten of uitgehard en
je moet gewoon de keerring vervangen. Vandaag de dag is dit
dan ook de meest voorkomende verklaring voor overmatige lekkage.
Of het blok heeft lang stil gestaan en er is bij bedrijfstemperatuur
geen verse olie langs de afdichtingen gekomen. Hierdoor kan
een keerring uitzakken of indrogen. Dit geeft lekkage. Nu
niet gelijk in de stress schieten. Doe nieuwe olie in het
blok en ga er mee rijden. Dit wil wel eens helpen.
Bij de Unimog (een Mercedes landbouwvoertuig, waarvan vroeger
bij lang stilstaan altijd de achterwielaandrijving ging lekken.
Op de Unimog-site wordt uitgelegd dat je er nieuwe olie in
moet doen en er dan maar eens mee moet gaan rijden) was lekkage
een normaal verschijnsel. Als je dan ging rijden, loste het
probleem vanzelf op. Dit komt omdat dan de zaak op bedrijfstemperatuur
komt en de olie zijn werk kan gaan doen. Op dat moment gaan
de keerringen weer opzwellen. Dit is dan ook een van de voornaamste
redenen dat olie jaarlijks vervangen dient te worden. De olie
zelf is dan nog niet op, maar de toevoegingen zijn verdampt
of uitgewerkt.
Wordt
vervolgd.