De voorjaarstoertocht op zaterdag 27 maart 2010
Frans Meijer
Zal mij eerst eventjes voorstellen. Mijn naam is Frans Meijer en ben een
zwager van jullie clublid Jaap Kaper. Van hem kreeg ik de uitnodiging voor
een toertocht van jullie club.
Aangezien Jaap altijd heel enthousiast over jullie club babbelt, leek mij
dat een goed plan, temeer ik zelf al vele jaren een enthousiast toerder ben
en - alleen of met echtgenote - veel binnen- en buitenlandse tripjes maak.
Bij mij begon het motorgevoel zo'n twee en veertig jaar geleden goed te
leven, toen ik door Jaap's vader besmet werd met het motorvirus.
Na het "buikschuivertijdperk" kocht ik mijn eerste "50 cc-motor", een
Kreidler met kenteken en heuse met kuip. Mede doordat Kreidler het in de
jaren zestig met diverse teams in de GP races heel goed deed, vond mijn
motorhandelaar mijn aankoop een heel goede reclame en zette mijn monster
voor een aantal weken in de etalage.
Plat erop liggend kon met ongelooflijk veel toeren, waarbij de zuiger haast
uit de cilinder kwam zetten, de negentig kilometer gehaald worden. Omdat
hogere snelheid toch bleef trekken, werd er steeds flink gesleuteld en door
uitboren van spoelpoorten, grotere sproeiers en zuigers kon met het
apparaat uiteindelijk de magische 100 kilometergrens bereikt worden, wat
echter wel een behoorlijke aanslag op mijn portemonnee betekende. De motor
liep door al dat gesleutel regelmatig vast en dan moest de plaatselijke
motorboer weer met een bezoek vereerd worden voor nieuwe zuigers en
cilinders. Klauwen met geld hebben die geintjes me gekost.
Na zo een paar jaar aangeklooid te hebben, ging ik toch voor het wat
zwaardere werk. Mijn schoonvader reed in die tijd op een supersnelle
driecilinder Kawasaki 500 en daardoor aangestoken, ging de Kreidler de deur
uit en verscheen er een Suzuki T500. Na een goed inruilbod kwam er een
jaartje later een Laverda 750 voor in de plaats, waarmee ik een paar jaar
heel fijn gestuurd heb. In 1976 belandde ik onverwachts in het viercilinder
Hondakamp Dit beviel zo goed, dat ik dit merk tot op de dag van vandaag
trouw ben gebleven. Begonnen op een 550 CB kwam er vervolgens een 650 CB,
een 750 CBX, een Pan Euro 1100 en nu rijd ik de laatste vier jaar tot volle
tevredenheid op een Pan 1300.
Twee dagen voor de afgesproken dag had ik mijn stalen ros van het stof en de
vele vastgeplakte vliegenlijken van de laatste najaarsritten bevrijd, het
beestje weer voorzien van nieuwe olie en de bandjes op juiste spanning
gebracht. Gek, maar als je zo bezig bent met je fiets, gaat het motorbloed
toch weer wat harder stromen, ondanks het feit dat Erwin Krol nog geen hoge
lentetemperaturen kan beloven.
De vooruitzichten voor de afgesproken zaterdag waren gelukkig niet slecht en
had ik van Jaap geen afgelasting doorgekregen, dus om half negen voor de
eerste keer dit jaar de contactsleutel omgedraaid en vertrok ik vanuit het
Lekstadje Vianen richting Zwolle.
Ondanks dat ik bijna vijf maanden niet op mijn fiets had gereden, voelde
alles toch weer lekker heel vertrouwd aan. De koude wind had ik de eerste
kilometers pal voor en daardoor kreeg ik toch een beetje het gevoel aan een
"kouwe potentocht" mee te doen. Gelukkig heb ik verwarming aan boord en na
deze een beetje opgeport te hebben, was het verder prima achter de kuip uit
te houden. Ongeveer tien over half tien was ik ter hoogte van de rotonde bij
Zwolle. Onbekend met de afgesproken plek en ontbreken van een
navigatiesysteem, ging ik daar lekker even de fout in en miste een afslag.
Goede raad is dan meestal extra kilometers maken en daarom was ik
genoodzaakt om terug te rijden richting Wezep om daar weer te keren en bij
Zwolle alsnog de goede afslag te nemen.
Nog net voor tien uur arriveerde ik op de afgesproken plek, waar ik zeven
clubleden aantrof die zich behaaglijk aan de koffie verwarmden. Addy deelde
ons mede, dat we richting Twente zouden rijden. Natuurlijk had niemand daar
bezwaar tegen.
Buiten stonden zeven motoren klaar voor het startsein. De snelle Honda600
van Jaap, een 1100 BMW en vervolgens zag ik, dat enkele clubleden de
zilveren vleugel ingeruild hadden voor een zware gouden.
De rit zelf was heel mooi en afwisseld en werd in een rustig tempo over
kleine smalle weggetjes en dijken, door bossen en wijds landschap in de
richting van Twente gereden. Hoewel ik zelf veel in deze omgeving heb
gereden, vond ik deze tocht erg leuk, omdat de meeste weggetjes mij toch
onbekend voorkwamen.
De sfeer onderling was gezellig en door af en met toe een rustpauze was het
allemaal prima uit te houden. Eind van de middag waren de weergoden ons
niet helemaal goed gezind en moesten we ons even door een regengordijn
heenworstelen. Gelukkig klaarde het later weer op.
Rond zes uur arriveerden we weer op ons eindstation. Na met Jaap op de
parkeerplaats nog even een broodje te hebben genuttigd, kwam ik om half acht
weer voldaan thuis aan.
Addy, ik vond het leuk dat ik mee mocht rijden, bedankt voor het uitzetten
en organiseren van de tocht en tot slot wens ik een ieder veel veilige en
mooie motorkilometers toe.
Groet
Frans Meijer